Het bevalt me overigens weer best in Zweden. Ik versta de mensen beter dan toen ik hier vorig jaar kwam. Ik zit hier aan een van de vele picknickbanken, waar Zweden mee bezaaid is. Voor vandaag heb ik het plan lekker een flink eind te fietsen (naar het noorden dus).
Typisch Zeeds: houten plee met bloemetjesclosetpapier.
In een vergeelde gids (anno 1953) van Zweden die ik voor 98 cent bij De Slegte in Utrecht heb gekocht, lees ik net: "in summer there are more bicycles than cars on the road". Goeie ouwe tijd.
Boar, eerste overnachting in een Zweedse boerderij
Ik zit hier heerlijk in het gras op het erf van een boerderij. Vannacht slaap ik hier in de stal. Het is erg stil weer, de zon gaat bijna onder en er is geen wind. Toen ik door Boar reed, begon ik juist te denken aan mijn overnachting. Omdat het weer zo goed was, dacht ik er over om misschien in de open lucht te gaan slapen. Maar ineens begon het te onweren en in plaats van nog een uurtje door te rijden, wat mijn bedoeling was, stopte ik bij de eerste de beste boerderij en vroeg of ik even mocht schuilen. Wonder boven wonder sprak de vrouw, die open deed, Engels. Later vertelde ze me dat ze de enige in het dorp was, die Engels sprak. Ik mocht binnenkomen en gaan zitten: alles leek gunstig voor de vraag om te mogen overnachten in de schuur of zo. Het was goed. Grote opluchting.
De vrouw is eigenaresse van het huis en haar broer doet het werk op de boerderij. Het zijn beide erg aardige mensen. De man brabbelt alleen Zweeds, maar de communicatie gaat. En nu een paar staaltjes gastvrijheid van deze mensen: "heb je al gegeten?"
"Nej"
"Wil je je ei aan een kant of aan twee kanten gebakken hebben?"
Even later stond het eten voor me gereed! De vijf koppen koffie waren heerlijk sterk. Volgende staaltje: een slaapzak en een deken werden aangerukt en in het hooi gelegd. "Wersogoe". "Tak, tak".
De vrouw was 10 jaar geleden 3 maand in de V.S. geweest. Na die tijd had ze geen Engels meer gesproken maar het klonk voortreffelijk, afgezien van het sterke Zweedse accent. We kregen een gesprek over de levensstandaard in Zweden: ze vond dat de jeugd het te gemakkelijk heeft en bang is voor de toekomst.
Twee jongetjes kwamen op de fiets aanzeilen. Ze wonen ook in Boar en kwamen even op bezoek. Ze hebben veel interesse voor mijn fiets en de fietstocht. De vrouw komt nu net naar buiten en vraagt of ik binnen kom voor de gezelligheid. Wat een gastvrijheid, meesterlijk getroffen!
Vandaag gereden: 151 km. Zodra je eten wilt gaan koken, komen de moeilijkheden. In het dagboek van vorig jaar staat het relaas van de belevenissen in Linköping (een dag fietsen hier vandaan); hier is het relaas van Skillingaryd.
Na een tijdje buiten met een Duits stel gezellig te hebben gekletst, dacht ik er om half tien over om mijn rijst maar eens klaar te maken en te verorberen. Alles goed en wel; pan geleend van de Duitsers en koken maar. De keuken is samen met het dagverblijf in een apart gebouwtje. Toen de rijst op het gas stond en ik met de Duitsers heerlijke Zwitserse kruidenthee dronk, kwam klokslag 10 de beheerder binnen met de mededeling dat we er uit moesten.
"En de rijst dan?"
"Geeft niet, om 10 uur er uit!"
Gauw maakten we de achterdeur van binnen open, met de bedoeling straks weer rustig verder te gaan (de beheerder woont 300 m. verderop). We gingen gedwee naar buiten en de man vertrok.
Toen we weer terug wilden gaan (de thee stond er ook nog), kwam de volgende verrassing: de beheerder patrouilleerde buiten als een gevangenbewaarder. Dus: rechtsomkeerd. De man was inmiddels al lang en breed voor knettergek verklaard maar het hielp niks: hij bleef rond de jeugdherberg ijsberen. Toen hebben we alle lichten in de jeugdherberg uit gedaan en daardoor net deden alsof we naar bed gingen. Boven hield ik de man in de gaten. Na een kwartier vertrok hij en ik zat al gauw weer in de keuken. In het donker heb ik de rijst verder gekookt en hier op de slaapzaal heerlijk genuttigd.
Het is nu wel laat, maar ik wil nog een belevenis van vandaag kwijt. Ik heb een kaart van Zweden, waar lang niet alle wegen op staan. De wegbewijzering is hier erg summier, zodat het vaak een gok is als ik een weg in sla en tot mijn verbazing is het nog steeds gelukt goed te gokken.
Maar vanmiddag niet. Op een bepaald moment wist ik dat ik verkeerd zat en sloeg een willekeurig weggetje in, in de richting van de weg die ik had moeten hebben. De weg werd steeds smaller en smaller en even later: een hek.
ik ben toen naar de dichtstbijzijnde boerderij gegaan, de situatie uitgelegd en gevraagd waar ik in hemelsnaam zat. Ik werd binnen geloodsd en mocht in de kamer zitten. De boerin sprak wat Duits en we hebben eerst wat gekletst. Toen kwam het probleem op de proppen: waar ben ik en hoe kom ik naar Unneryd? De makkelijkste route was: 12 kilometer terugfietsen naar Lidhult; daar was ik in de fout gegaan.
Maar men had een andere oplossing. Twee topografische kaarten werden er bij gehaald en mij werd uitgelegd hoe ik door het bos naar de goede weg kon komen. Maar dat was een ontzettend doolhof en toen kon de hulpvaardigheid weer niet op: de boer zou in z'n Volvo mij zo ver mogelijk voorrijden. Hek open, hek dicht, hek open, hek dicht en daar hobbelde ik door het gras achter de auto aan. We kwamen over bospaden en over weilanden.
Twee keer stopte de auto om mij te wijzen naar reeën en later stopte hij omdat er voor Volvo en fiets niet meer te rijden viel. Lopend bracht hij mij nog een paar honderd meter het bos in, totdat we bij een bospad kwamen. De man legde mij uit hoe ik verder over bospaden rijden moest om de weg naar Unneryd te vinden en ging terug naar de auto.
Zweden, Östergötland
de "stuga" in Österbymo
Nu is het hier heerlijk warm, buiten is het erg guur. Ik ben de enige gast in de jeugdherberg. Maar ik hoop dat er vanavond nog wat gasten komen. In het gastenboek heb ik trouwens gezien dat het hier niet gauw storm loopt.
Österbymo ligt in een dunbevolkte streek: het zuiden van Östergötland. Mijn huisje ligt op een heuvel en naar drie kanten heb ik een vergezicht waarbij, zover je kunt zien, alleen dennenwouden te zien zijn. Eenzijdig, maar indrukwekkend.
Dat ik in een restaurant heb gegeten, komt omdat ik geen eten meer heb kunnen kopen. In mijn informatieblaadje over Zweden van de A.N.W.B. staat dat de winkels 's zaterdagsmiddags van 4 tot 6 geopend zijn. Maar in de dorpen waar ik doorheen reed was dat niet het geval. Omdat ik vandaag geplaagd ben door een keiharde noordenwind, kon ik Norrköping niet meer voor 6 uur bereiken. Brood heb ik nog wel kunnen krijgen en voor morgenavond heb ik nog wel wat rijst. Morgen (zondag) waarschijnlijk tot Björnlunda en dan hoop ik maandagmiddag in Stockholm te zijn.