Veerpont over de Bråviken (Zweden)
Het probleem in Turku was de vraag waar ik moest overnachten. Om buiten de stad naar een boerderij te gaan, was ondoenlijk. Ten eerste was het al veel te laat en ten tweede sta ik hier voor een ontzettende taalbarriëre. Bij aankomst kreeg ik een boekje met toeristische gegevens over Finland. Erg aardig van de Finse V.V.V. Uit dat boekje viste ik een adres van een goedkoop hotel in Turku. Maar de Finse taal is een verschrikking en ook met armen en benen konden de mensen op straat mij de weg naar dat hotel niet duidelijk maken. Ik ben toen maar wat rondgereden en toen ik ergens een paar buitenlandse auto's zag staan, ben ik daar maar weer eens gaan vragen. Ik kon daar voor 15 Marken (ongeveer 15 gulden) overnachten. Dat is voor Finland erg goedkoop en ik heb een mooie kamer, met zelfs een telefoon. Maar daar heb ik natuurlijk niets aan.
Nog iets over de boot: Er was een goed restaurant, een zelfbedieningsrestaurant, slaaphutten, douches, sauna's, zwembad, bioscoop, nachtclub, kapper, bar, lounches met vliegtuigstoelen, twee tax-free winkels, speelzaal voor kinderen. Alles van staal, kunststof en heel veel glas. En toch kostte de reis maar 20 gulden!
De Finse tijd is één uur plus Nederlandse tijd.
centrum van Stockholm
De laatste 30 kilometer waren beter. Het werd op het laatst nog een lekker fietstochtje. Niet alleen de weg: ook mijn humeur steeg aanzienlijk van kwaliteit.
De omgeving van Snappertuna is erg mooi. Het is moeilijk te omschrijven: veel grote keien en rotsblokken, veel kleine groepjes bomen en hier bij de jeugdherberg slingert een riviertje. Een eindje hier vandaan staat een machtige, oude ruïne van een kasteel, die helemaal beklommen kan worden.
Ik zit hier voor m'n hok, plm. 5 x 3 meter groot met twee bedden, een tafeltje en kookgereedschap. Het hok is omstreeks 1700 gebouwd. Om er in te komen moet je een sleutel hanteren van wel 20 centimeter lang, een oud en roestig bonk ijzer. Ik zit hier op een molensteen in de zonneschijn (half tien 's avonds). Het is bladstil en alleen het gekraai van ik-weet-niet-hoeveel eksters is in de verte te horen.
Men spreekt hier Zweeds. het schijnt in deze streek voor 90% de omgangstaal te zijn. Ik vond het vermakelijk iets van een taalstrijdje te bespeuren: de beheerster van de jeugdherberg hier verbeterde mij toen ik het over Helsinki had. Ik moest Helsingfors zeggen, de Zweedse naam voor de Finse hoofdstad. Pirkko, het meisje van gisteren op de boot, zei bijna verontwaardigd dat Helsinki de hoofdstad van Finland was, toen ik haar naar het verschil tussen die twee namen vroeg. Zij kwam uit Tampere, volgens haar de tweede stad van Finland. Maar gisteravond in Turku las ik ergens dat ik me in de een na grootste stad van Finland bevond. Deze "strijdjes" vind ik wel leuk.
Ieder jaar weer tref ik mensen in jeugdherbergen, die ik later weer tref. "Treffende" voorbeelden: In Björnlunda hebben we met vier man veel lol gehad; twee Duitsers, een Englishman en ik. De volgende dag haalde de Engelsman mij toeterend in met z'n auto en later ook de Duitsers met veel gezwaai en getoeter. De Engelsman trof ik weer in het centrum van Stockholm. De Duitsers trof ik eerst bij de jeugdherberg van Stockholm en 's avonds in het centrum. Toen hebben we nog een biertje gedronken. vanmorgen tussen Turku en Salo: met veel getoeter stopten de Duitsers vlak voor mijn fiets. Een praatje gemaakt en als hun en mijn plannen niet veranderen, dan treffen wir uns wieder in Helsinki.
Vanmorgen heb ik ook m'n eerste lekke band gehad. Snel verholpen. Geen complicaties bij de operatie. Buiten- en binnenband maken het goed. Nog geen slijtage te zien.
Twee andere zorgenkindjes, derailleur en trappers, zijn ook gezond. De trappers zijn op dieet, op te steile hellingen wordt gelopen, niet getrapt. De derailleur heeft in Zweden last van hoestbuien gehad. Vooral in de vierde versnelling sloeg hij nog wel eens door. Het gaat nu goed.
Ik zit hier in de jeugdherberg van Lahti. Vreemd idee, dat ik hier vanavond niet slaap. Over een uurtje vertrekt de trein naar Leningrad. De jeugdherberg wordt beheerd door een jong stel, waar ik een hele tijd mee heb zitten praten. Erg leuke lui. De fiets laat ik hier achter, met op de teller 1511 km.
Vanmorgen langs de weg nog iets aardigs beleefd: tien kilometer buiten Helsinki streek ik op een muurtje neer om m'n ontbijt soldaat te maken. Daar komen twee Finnen aan, van zo'n 25, 30 jaar. Ze spraken me aan. Ze waren nogal lollig en het bleek wel waarom: er werd een fles brandewijn uit de zak gehaald en ik kreeg ook een slok. Ze waren ontzettend spraakzaam en nodigden me uit naar een dichtbijgelegen benzinestation te gaan, om koffie te drinken. Ik vond het wel leuk en ging mee. Gelijk kreeg ik ook een sandwich en een aantal sigaretten.