Ik kon vandaag mijn geplande route niet helemaal volgen. Op een stil landweggetje stond opeens een groot bord: "gesperde zone, verboden voor buitenlanders. Militair terrein". Ik heb toen in het dorpje Vitvattnet de politie in Kalix opgebeld of ik toestemming kon krijgen er doorheen te fietsen. Maar nee: omrijden. Dat werd dan 15 kilometer omrijden over Kalix en dan de E-4 volgen. Maar op de E-4 kom ik tot m'n schrik weer dat zelfde bord tegen. Maar nu met een ander bordje er naast: "Het is toegestaan zonder afslaan de E-4 te gebruiken". Dat doe je dan maar.
Na een paar minder geslaagde, heb ik vandaag weer eens een fijne tocht gehad. Dit ondanks de tegenwind en ondanks de regen vanmiddag. Ik was lekker vroeg in Skellefteå (spreek uit: Sjelleftò), 6 uur, en daarom heb ik weer eens tijd om rustig te koken, wat te rotzooien in m'n bagage, wat kieren te wassen en, uiteraard, wat in het dagboek te schrijven. Ik heb heerlijk gegeten (soep, rijst met blikje vlees, blikje ananas). Dat is nu bezig te bezinken met behulp van een sigaret. Straks koffie.
Eerste nacht in Zweden: Övertorneå. 2e: Luleå. Nu: Skellefteå. Morgen: Umeå.
Volgens de Zweedse wet moeten auto's, als ze een ander vervoermiddel inhalen, claxoneren. De auto die dan ingehaald wordt, moet dan terugclaxoneren. Ook als fietsen ingehaald worden, moet er worden getoeterd. Helaas heb ik geen toeter op m'n fiets; anders gaf ik iedereen die mij voorbijtoetert, een flinke loei terug. Gelukkig houden veel Zweden zich niet aan deze regel. Ik baal namelijk van al dat gehoempa. Ze beschouwen fietsers hier als uiterst gevaarlijke elementen op de weg; als ik op een brede, stille weg fiets, uiterst rechts, wordt er nog vaak na een wettelijke toeter helemaal op de linker rijhelft ingehaald. En dan remmen ze ook nog vaak af.
De jeugdherberg van Umeå is goed. Wat tref ik hier: een Nederlander op de fiets! Hij had de boot naar Göteborg genomen, was een tijdje in Stockholm bij kennissen geweest en gaat nu richting Lapland. Vandaar gaat hij via Finland over Turku weer terug. Een iets kleinere versie van mijn reis, in omgekeerde richting.
(4 juli)
Ik zit hier in een (voor Zweden zeldzaam) wegrestaurant en heb weer eens zitten rekenen. Zoals vaak kom ik ook nu weer tot een verrassende conclusie: ik zit ruim in de tijd om thuis te komen! Dat betekent dat ik nu minder per dag ga fietsen en verder dat ik morgen niet tot Sundsvall ga. Daar kom ik dan maandag rond de middag doorheen.
Gisteravond een fijne avond gehad. Met de andere Nederlandse fietser heb ik flink wat fietservaring knnnen uitwisselen. Toen hebben we rond middernacht aan onze fietsen geprutst. Het bleef vannacht gewoon licht buiten. Ik heb er een nieuwe buiten- en binnenband omgezet, achter. Daarna zijn we nog tot 2 uur opgebleven. Dat betekende dat ik vandaag pas om 12 uur vertrokken ben. Vanmorgen eerst inkopen gedaan in de stad en uitgebreid gegeten. Vandaag staat er een harde zuidenwind, die heb ik dus tegen. Het is weer een zware tocht. Ik moet nu nog 25 km fietsen voor m'n einddoel voor vandaag: Örnskjöldsvik. De hele dag langs de E 4 gefietst, morgen en overmorgen ook. Dan duik ik de binnenlanden weer in, richting Zuid-Noorwegen.

brug bij Strömnäs
Kårböle ligt, geografisch gezien, precies in het midden van Zweden; tenminste, dat beweert men hier. De jeugdherberg hier is er typisch een waar ik van houd: een kleine, in een wat achterafgelegen plaats, waar het nooit storm loopt met gasten. Typerend is dan, dat de jeugdherberg beheerd wordt door een wat oudere vrouw, die het geweldig vindt dat er een buitenlandse gast op bezoek komt. Vaste prik.
De wat oudere vrouw hier vroeg mij of ik ook wat koken wilde en ik zei dat ik alleen van plan was water te koken voor Nescafé, als dat mogelijk was. Even later werd mij keurig een pannetje kokend water gebracht.
Nog steeds tegenwind. Al 9 dagen achtereen.
Picknick
langs de E4
Vergezicht in
de provincie
Dalarna
In het zwembad merk je weer eens dat je in welvarend Zweden bent. Voor 2 Kronen (f.1,60, studenten en scholieren) krijg je een sleutel, een spons en 2 handdoeken in je handen gedrukt. En dan sta je je stom af te vragen: waar moet ik hier mee heen. Je gaat dan een deur proberen waar "heren" op staat en dan kom je in een ruimte met allemaal kastjes. Op ieder kastje een nummer. Op de sleutel ook een nummer en even nr. 83 bij nr. 83 proberen: ja, dit was de bedoeling. Kleedhokjes zijn er niet. Die vind je alleen maar in het preutse Nederland en de rest van de wereld. Er wordt gezellig omgekleed in Zweden. Kleren in de kast, deur op slot, maar waar moet je met de sleutel heen? Een Engels sprekende Zweed vertelt dan dat het stuk elastiek, dat je ook krijgt, ervoor dient om de sleutel om je enkel te binden. Verder weet hij mij te vertellen, dat het verplicht is je eerst te wassen. In een andere ruimte vind je dan een aantal douches; zeep is genoeg in voorraad. (Alle ruimtes zijn mooi betegeld, alles is even mooi en nieuw). Een grote mand met sponzen leert mij dat de spons, die ik kreeg, een wegwerpspons is. Dan naar het bad. Het lijkt wel een koninklijk privé-bad. Het is een normaal 25 x 10 meter-bad, overdekt. In de hoeken staan enorme plantenbakken, verder staan ook overal planten, de muren zijn met hout betimmerd en er zijn veel glazen wanden en deuren. Ter verhoging van het zwemgenot zijn er luidsprekers, waaruit een zwoel achtergrondmuziekje klinkt. Onder water zijn een aantal schijnwerpers in de wanden gebouwd, die over de bodem schijnen.
Het was niet druk. Er waren nog ongeveer 15 kinderen. Nadat ik een kwartiertje rondgezwommen had, kwam de badmeester op me af, die me vroeg of ik 200 meter wou zwemmen. Voor zover ik het begreep (geen Engels), was dat een gunst voor de provincie Dalarna: na de 200 meter werd mijn naam en adres in een boek geschreven en hoe meer namen, hoe beter het was voor de provincie. Ik heb het woord "tavling" (wedstrijd) horen vallen; misschien een of andere competitie tussen verschillende provincies.
Na het zwemmen een warme douche en in de kleedruimte vind ik een paar vreemde instrumenten aan de muur: het zijn haardrogers. Druk op de knop en je gaat er onder staan. En zo kom je met je eigen handdoek nog schoon en met droge haren het zwembad weer uit.
De jeugdherberg in Malung is weer net zo een als in Härnösand: ik heb een eigen kamer (sleutel incluis) en een kookplaat plus pannen krijg ik er op verzoek bij. Voor zolang ik al in Zeden ben dit jaar, heb ik nog geen andere kooktoestellen gezien dan elektrische.
Zo af en toe vergeet je eens wat onderweg. Tot voor gisteren is het op een paar kleine handdoeken na goed gegaan. Maar gisteren ben ik een coltruitje verloren en vanmorgen m'n ouwe trouwe waterfles, die ik in 1965 in Engeland gekocht heb en op al m'n fietstochten daarna meegesjouwd heb. Vanmiddag maakte een pijn in m'n maag me duidelijk dat ik vergeten had te eten.